foto De Weekbode
In memoriam Alex Denys
FIDE-meester Alex Denys (Roeselare, 21/9/1958 - Koksijde, 15/12/2025), is overleden op amper 67-jarige leeftijd.Alex Denys (hierboven op de foto tweede van rechts, na zijn winst in het blitzkampioenschap van Roeselare op 10 januari 1987) is voor de huidige, jonge generatie Roeselaarse schakers misschien een grote onbekende, maar hij was in de jaren ’80 en ‘90 één van de beste schakers van België. Hij was FIDE-meester (>2300 FIDE elo) en had in West-Vlaanderen nauwelijks concurrentie aan het schaakbord.
Hij leert schaken aan zijn 3 jaar oudere broer Frank, wanneer hij negen jaar oud is. Gebeten door de microbe, werkt hij tot twee uur per dag aan zijn schaken. Hij zet met Frank zijn eerste stappen in de echte schaakwereld bij de Torrewachters in Roeselare, en in 1971-72, nauwelijks 13 jaar oud, wint hij de titel in tweede klasse. In eerste klasse 72-73 speelt hij weer de pannen van het dak, en wordt derde (8,5), achter vaste waarden Geert Callebert (kampioen met 10,5/11) en René Leenknegt (9). In 1973 wordt hij vijfde in het BK voor kadetten (4/7 – winst voor Marc Daels en Bernard Loo), en in interclub scoort hij 4/5 – Roeselare wordt kampioen in 4A, na een testmatch tegen Tielt.
In 1973-74 lukt het even niet voor Alex: hij eindigt met 6,5/12 in het kk, een duidelijke stap terug na zijn debuutjaar in eerste. Geert Callebert wordt weer kampioen. Om een idee te geven van de elo-rankings in die periode: Geert Callebert (1774 elo), René Leenknegt (1568), Johan Vandenbussche (1467), Alex Denys (1466), Marc Segaert (1434), André Sobry (1303); vertaald naar huidige elo’s mag je daar overal zo’n 400 bijtellen. Het Roeselaarse team in derde nationale weet zich te behouden, dankzij topscorer Alex, die 7/9 scoort. In februari 1974 wordt Alex West-Vlaams blitzkampioen in de B-reeks; hij laat o.a. Aurèle Lenoir en Harald Larsen achter zich. Op 1 mei 1974 is zijn elo gestegen tot 1534.
In 1974-75 wordt hij dan toch clubkampioen, met 31/33, voor Geert Callebert (29) en René Leenknegt (28). Hij wordt ook blitzkampioen, en zijn elo stijgt tot 1741, waarmee hij Johan Vandenbussche (1737) en Geert Callebert (1700) voor blijft. Nogmaals, doe hier gerust 300 à 400 elopunten bij voor een huidige indicatie. In interclub blijft het prima gaan met de sterke jeugdspelers: Roeselare eindigt derde in 3D met 101 bordpunten, achter kampioen MSV Eeklo (117) en Kortrijk (115). Alex zorgt op bord 3 voor 6/8. Op het BK snelschaak wordt hij sterk elfde – die zomer wordt hij wel open Belgisch jeugdkampioen met 6,5/7.
In 1975-76 wordt hij “pas” derde in het kk, achter Geert Callebert en Johan Vandenbussche. Maar de jeugd scheurt zich af en vormt eerst een concurrerende club, om na enkele jaren zich aan te sluiten bij de nieuwe Izegemse club, opgericht door Jacques Roose. Begin 1977 speelt Alex interclub voor Izegem in 4D – clubicoon René Leenknegt is ontgoocheld in de transfer, maar ook andere jeugdspelers gaan de beweging maken. Roeselare behoudt wel zijn plaats in 3D dat seizoen.
Alex wordt tweede in de West-Vlaamse liga in 1978-79, achter winnaar Leo Grünewald, maar voor Johan Callens, Herman Ottevaere, Roger Missiaen, Francis Cottegnie en Alex Callens. Op 14.12.1980 gebeurt het “onvermijdelijke”: Izegem speelt interclub tegen Roeselare. Alex wint van Geert Callebert – de ontmoeting eindigt op een diplomatische 3-3. Izegem wordt dat jaar wel kampioen, maar Roeselare wordt wel mooi derde (achter Wetteren).
We slaan een paar jaar over en in 1984 speelt Alex mee in een zeer sterk bezet lentetornooi (een organisatie van Roeselare en Tielt). Deelnemers zijn o.a. Alex Denys (2211), Roger Missiaen (2092), Rudi Defour (2028), Herman Ottevaere (2007), Dirk Castelein (2047), Johan Callens (1988), Herman Bossuyt (2080), Johan Reynaert (1815), Jos Vandamme (1880) en Jozef Reynaert (1652). In juli 1984 speelt hij mee in de B-reeks van het NK. Winst is voor Thierry Penson (10/13), Alex haalt 5/13, maar laat nog wel o.a. Jan Delabie en Michel Masschaele achter zich.
Alex komt op 7 september 1985 het Roeselaarse schaakseizoen openen met een simultaan – een traditie die quasi ononderbroken tot op vandaag voortduurt.
In april 1985 is Alex 13de Belg op de ratinglijsten met 2305 FIDE-elo en mag dus vanaf dan uitkijken naar de FIDE-meestertitel – een bevestiging die pas in 1988 officieel komt. Ter vergelijking: de top vijf in België is dan Jozef Boey (2390), Richard Meulders (2385), Marc Dutreeuw (2365), Michel Jadoul (2360) en Jan Rooze (2355). Hij wint het lentetornooi in 1986 met 7/7. In september 1986 wordt het blitzkampioenschap gehouden en Alex (7,5/9) wint verrassend niet, maar moet de hoofdprijs laten aan de jonge Dominique Lecluyse (8/9). Voor de petite histoire: Johan Reynaert behaalt 6/9, Jozef Reynaert 5/9, Bernard Logie en Yves Surmont 4,5/9 en Fabio Petralia 3,5/9.
Hiermee eindigt zowat de Roeselaarse geschiedenis van Alex en verdween hij ook voor mij uit het zicht. In Izegem werd hij drie keer clubkampioen (1978, 1981, 1989). Later werd hij lid van diverse clubs, maar verhuisde binnen korte tijd naar weer een andere club, die hem wou opstellen voor interclub. Zo was hij onder andere lid van Jean Jaurès Gent, de KOSK, en nog later Nieuwpoort en Knokke).
Vaak kwam hij echter zijn IC-afspraken niet na, en de laatste tien jaar leek hij zelfs niet meer gemotiveerd, en konden eerder zwakke spelers een remise pakken tegen hem. Was hij uitgekeken op het schaken? Had hij er meer van verwacht? Symptomatisch was bv zijn deelname aan Cappelle-la-Grande in 2008: uit het tornooi gestapt na 3 ronden. Of zijn verlies van 16 elopunten in twee IC-partijen (remise tegen Thomas Cleuren en remise tegen Sibran Vanroose) in november 2023.
Zijn FIDE elocurve toont dat hij quasi inactief was tot 2017 (2280 elo), dan enkele partijen speelde, en grotendeels weer inactief was tussen 2018 en 2022 (2240 elo). Na corona speelde hij wel weer regelmatig partijen, maar verloor ook veel elo – tot een dieptepunt van 2164. Hij herpakte zich wat tot mei 2025 (2174), maar speelde blijkbaar zijn laatste partij tegen Henry Flikweert (30 maart 2025), in een IC match tussen Knokke en MSV. Ik heb niet zoveel partijen van Alex, maar onderstaande vond ik altijd een prachtpartij – zeker voor twee vijftienjarige jeugdspelers. Ik heb maar weinig partijen van Alex – hij moet er honderden gespeeld hebben. Dat zelfs een site als Belgian Chess History slechts twee tornooien kan noemen waaraan Alex heeft deelgenomen, is opmerkelijk. Hij heeft vermoedelijk ook veel in Noord-Frankrijk gespeeld, want hij had ook een Franse rating.
Gelukkig blijven er pareltjes over zoals deze partij. Moge hij rusten in vrede.
PS De analyse van deze partij is redelijk oud en ik heb ze niet herwerkt voor deze publicatie. Ik zie dat ik nog gebruik heb gemaakt van Fritz3 (!) - er zitten dus fouten in de analyse, waarvoor excuses. Dit vermindert geenszins de creatieve prestatie van beide spelers in deze partij.
PPS Voor wie de andere spelers op de foto wil identificeren, het zijn vlnr: Johan Reynaert (later een +1900-speler, maar nu niet meer actief), André Vinckier (later een +2000 speler, maar hij stopte met schaken toen hij studies geneeskunde begon), en rechts zien we toenmalig voorzitter Maurice Vansteenkiste, die ooit het B-kampioenschap van België won, maar het jaar erop door beroepsomstandigheden niet kon deelnemen aan het "echte" BK.